Door Henk Krijnen
Op de website Stuk Rood Vlees staat een artikel (publicatiedatum: 27 maart 2024) waarin een dwarsdoorsnede wordt gemaakt van de kiezers die op GroenLinks-PvdA stemden bij de Kamerverkiezingen eind 2023. Wie zijn zij, wat bepaalt hun stemvoorkeur? De analyse is gebaseerd op het Kiezersonderzoek 2023.
Ga naar:
Kiezersonderzoek 2023, deel 2: GroenLinks-PvdA – StukRoodVlees
Het webartikel eindigt met deze samenvatting:
“We zagen dat de lijstcombinatie er vrij goed in geslaagd is om de eigen achterban te mobiliseren, maar zien ook dat dat minder was onder de ‘arbeidersklasse’. We vonden zelfs dat kiezers die zich identificeren als arbeider significant minder op de partij stemmen. Qua issue eigenaarschap bleek de partij met name eigenaar van het thema ‘klimaat’, waar de PvdA in 2021 ook nog gezien werd als eigenaar van het issue ‘wonen’, is GroenLinks-PvdA dat niet meer in 2023. En hoewel de lijsttrekker bij de eigen kiezers vrij goed scoorde, riep hij daarbuiten zeer verdeelde reacties op. Het is dan ook niet verwonderlijk dat veel GroenLinks-PvdA-kiezers zelf aangaven dat ook strategische motieven een belangrijke rol speelden bij de stemkeuze. Een vrij grote groep D66-, Partij voor de Dieren en VOLT-kiezers maakten dan ook de overstap naar GroenLinks-PvdA. Tot slot zagen we ook dat de GroenLinks-PvdA-kiezer qua beleidsvoorkeuren op een aantal thema’s behoorlijk afwijkt van de overige kiezers. Met name op klimaat, migratie en criminaliteit zijn de verschillen groot.”
Dat het issue ‘wonen’ niet meer primair met GroenLinks-PvdA wordt geassocieerd terwijl dat met het issue ‘klimaat’ wel het geval is, moet tot nadenken stemmen. Evenals het feit dat ‘arbeiders’ minder geneigd zijn op de nieuwe combinatie te stemmen. Wat is de verklaring voor deze fenomenen? Hoe kan deze beeldvorming onder kiezers veranderd worden?
