Polarisatie tussen PRO en VVD. Waar twee vechten…

Door Henk Krijnen

 “Weinig wijst erop dat de relatie tussen VVD en progressief Nederland snel zal normaliseren”. Dit is de kop van een artikel – geschreven door politiek journalist Frank Hendrickx – dat verscheen in de Volkskrant van 14 april jongstleden. Daarin schetst hij een tamelijk zwartgallig beeld van de verhouding tussen VVD en PRO.

Enkele saillante citaten:

“Het blijft ‘een graat in de keel’ en de onderlinge relatie is ‘beschadigd’. Fractievoorzitter Paul Rosenmöller van Progressief Nederland (Pro) maakte afgelopen week bij het debat over de regeringsverklaring in de Eerste Kamer geen geheim van de nog immer verzuurde verhoudingen met coalitiepartij VVD. ‘Dat je in 2023 de loper uitrolt voor een ondemocratische partij als de PVV, met als argument dat je geen partijen en kiezers mag uitsluiten, en twee jaar later de deur dichtgooit naar een democratische beweging als de onze, vind ik onbegrijpelijk en onverantwoord.’

Achter de schermen vallen er nog hardere woorden. In de top van Pro wordt de huidige VVD gezien als een partij die tot alles in staat is om de eigen machtspositie te behouden.”

Sinds het vertrek van Frans Timmermans zijn de contacten op persoonlijk vlak bepaald niet verbeterd:

 “In het verleden gingen gebrouilleerde partijleiders nog weleens met elkaar dineren; de pers werd dan ingeseind om duidelijk te maken dat de kou uit de lucht was. Dat blijft nu uit. VVD-leider Dilan Yesilgöz en Pro-leider Jesse Klaver hebben amper contact, de relatie met VVD-fractievoorzitter Ruben Brekelmans is nauwelijks beter.”

(Bron: website de Volkskrant)

In de VVD ontbreekt bovendien de bereidheid om de onderlinge betrekkingen de komende tijd te normaliseren:

“Binnen de VVD wordt ook niet de noodzaak gezien om de komende maanden een veelomvattende begrotingsdeal te sluiten met Klaver. Waarom zouden ze zich uitleveren aan een partij waarvan niet eens duidelijk is of die na de Eerste Kamerverkiezingen over minder dan een jaar nog steeds een cruciale positie heeft?”

Daar komt bij dat de verhoudingen zijn belast door recente politieke gebeurtenissen, die het wantrouwen verder hebben verdiept. Oude wonden blijken nog niet geheeld en nieuwe wonden lijken geslagen:

“Niet alleen bij Pro, maar ook bij de coalitiepartijen D66 en CDA leeft het gevoel dat er bij VVD-leider Yesilgöz nog oud zeer zit over een poster die The Rights Forum tijdens de campagne verspreidde. Daarop stond een grote foto van haar met de woorden: ‘Zij koos voor genocide.’ GroenLinks-PvdA-lijstduwers Jan Pronk en Hedy d’Ancona waren betrokken bij The Rights Forum, maar kregen geen weerwerk van hun partij. Toenmalig lijsttrekker Frans Timmermans vond de zaak daarvoor ‘niet belangrijk genoeg’.”

Het aanvankelijke optimisme dat door het aantreden van het huidige minderheidskabinet haast als vanzelf een cultuur van samenwerkingsgezindheid zou ontstaan, is behoorlijk getemperd:

“Soms lijkt het alsof Bontenbal als enig coalitiekopstuk echt vastbesloten is om van het minderheidskabinet een succes te maken, zo valt nu al in zijn omgeving te horen. Tijdens de formatie heeft de CDA-leider zichzelf ervan overtuigd dat een minderheidsconstructie hét model kan worden om Nederland bestuurbaar te houden in een tijd van almaar toenemende versplintering.”

Structurele breuk

Samen laten deze passages zien hoe de relatie tussen beide kampen niet alleen politiek is vastgelopen, maar juist is verkrampt. Er lijkt een structurele breuk te zijn ontstaan die de politieke dynamiek in Den Haag voorlopig blijft bepalen.

In de kern is er een heftige ideologische botsing gaande tussen VVD en PRO. Vooral op thema’s als klimaat, migratie en ongelijkheid liggen de standpunten ver uiteen. Dat maakt samenwerking niet alleen ingewikkeld, maar ook politiek riskant. Concessies kunnen al snel worden uitgelegd als verraad aan de eigen achterban, zo wordt in beide kampen gedacht.

Klimaat van wantrouwen

Progressieve partijen verwijten de VVD dat zij steeds verder naar rechts opschuift. Omgekeerd ziet de VVD in linkse plannen vaak een gebrek aan realiteitszin en financiële discipline. Het gevolg is een klimaat van wederzijds wantrouwen, waarin toenadering verdacht wordt en samenwerking moeilijk van de grond komt. Een snelle normalisering lijkt niet in zicht.

Botsende strategieën

Maar de afstand is niet alleen inhoudelijk of emotioneel; ze is ook strategisch. In een versplinterd politiek landschap, waarin meerderheden zelden vanzelfsprekend zijn, kiezen partijen bewust hun positie. De VVD probeert geregeld meerderheden te vormen zonder afhankelijk te zijn van links, terwijl progressieve partijen juist hun invloed proberen te vergroten door samenwerking te koppelen aan duidelijke voorwaarden. Die strategieën botsen en zorgen ervoor dat afstand politiek aantrekkelijker lijkt dan toenadering.

Wederzijdse polarisatie?

De relatie tussen de VVD en progressief Nederland is behoorlijk vertroebeld. De inhoudelijke verschillen zijn groot, het onderling vertrouwen is laag, de politieke strategieën botsen en de politieke versplintering maakt samenwerking ingewikkeld. Voorlopig is er weinig perspectief op een herstel van de relatie.

De vraag is: Is er sprake van wederzijdse polarisatie? Of komt deze uitsluitend van één kant, van de VVD?

De link naar het artikel:

Weinig wijst erop dat de relatie tussen VVD en Progressief Nederland snel zal normaliseren | de Volkskrant