Media, frames en beeldvorming

De Democraten kwamen bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen van November 2024 met tot in detail uitgewerkte plannen op een aantal binnen- en buitenlandse beleidsterreinen.

Hun tegenstander Trump had nauwelijks uitgewerkte plannen, alleen een aantal slogans en onuitgewerkte voornemens over handelstarieven en massadeportaties. Maar hij wist toch de verkiezingen te winnen, met een doeltreffende mediastrategie, daarbij ondersteund door een compleet ecosysteem van rechtse media. De Democraten in verbijstering achterlatend. Zij hadden toch de betere plannen, vonden ze zelf.

Goede doorrekeningen van het verkiezingsprogramma door het CPB, of de zoveelste steengoede analyse van een beleidsterrein, zijn noodzakelijke voorwaarden om op de politieke agenda te komen. Maar dat is maar een deel van het verhaal! Daarmee kom je er niet als je een politieke tegenstander met een oneliner in een live verkiezingsdebat wilt pakken. Het gebruik van beelden en metaforen die mensen aanspreken, is een kunst die rechtse politici over het algemeen beter beheersen dan progressieve. Maar die kunst zal links nu eindelijk ook eens in de vingers moeten krijgen.

De Amerikaanse taalfilosoof en linguïst George Lakoff schrijft: “Je kunt geen politiek in de 21e eeuw bedrijven met 17e eeuwse opvattingen over hoe het menselijk denken werkt.” Hij doelt hiermee op de klassieke opvatting dat de mens een rationeel wezen is dat op grond van een zorgvuldige weging van argumenten en feiten zijn/haar keuzes maakt. Lakoff heeft, met behulp van veel onderzoek, duidelijk gemaakt dat mensen zich bij het maken van keuzes niet laten leiden door rationele afwegingen maar door beelden (frames) die ze al over essentiële zaken in het leven hebben. Vaak zijn dat metaforen, beelden en ervaringen uit het dagelijks bestaan, die mensen vervolgens gebruiken om allerlei andere onderdelen van de werkelijkheid te begrijpen.

Wat voor frame speelt links bijvoorbeeld parten? In de beleving van veel mensen behoren de goedgebekte en theoretisch opgeleide beeldbepalers van de progressieve politiek tot de kaste van managers, consultants en ambtenaren die hen dagelijks voor de voeten lopen met onuitvoerbare eisen en regelingen en ondertussen niet weten hoe het op de werkvloer ‘bij de gewone mensen’ toegaat. Prutsers! En dat beeld wordt dag in dag uit op de voorpagina van de Telegraaf, en op tv door cynische semi-journalisten als Rutger Castricum en kroegpraters als René van der Gijp en Johan Derksen, bevestigd. Linkse politici, Frans Timmermans met zijn beheersing van zeven talen voorop, zijn hier humorloze, ouderwetse, elitaire zakkenvullers die de gewone man van zijn auto, zijn barbecue en zijn vliegvakantie willen beroven. Frames!

Behalve aandacht voor de inhoudelijke aspecten van een nieuwe progressieve agenda op deze site daarom ook veel aandacht voor de manier waarop progressieve partijen communiceren met hun potentiële electoraat. En wat daarin zou moeten veranderen. Het betekent bijvoorbeeld voor de partijcombinatie GroenLinks-PvdA dat deze niet alleen moet leunen op de gebruikelijke mensen uit de politieke top. Naast wetenschappers, journalisten en lokale bestuurders zal zij zich ook (en duidelijk zichtbaar) moeten omringen met een aantal sympathiserende (jonge) content-creators, mensen die ervaring hebben met video-kanalen op YouTube en Instagram, en met filmers en schrijvers om die verhalen vorm te geven.