Economie

Veel hervormingen, zeker als deze diep ingrijpen in het maatschappelijk verkeer, hebben een sterk economische dimensie. Er is behoefte aan een consistente visie over hoe de economie het beste draaiende gehouden kan worden, over hoe de overheid met inkomsten en uitgaven moet omgaan en de vraag welke maatschappelijke doelen centraal dienen te staan. Of we dat nu willen of niet: vroeg of laat gaan debatten over politieke-economische visies die met elkaar botsen. De hoofdvraag is: hoe kun je – op verschillende manieren – financieel-economische politiek gebruiken als hefboom voor progressieve hervormingen? Vaststaat: een progressief economendebat over algemene kwesties is hard nodig, net als meer in economen in politieke functies.

Te makkelijk wordt de metafoor gebruikt van het huishoudboekje. Deels gaat deze natuurlijk op: de tering naar de nering zetten, het maken van een sluitende begroting, geen onverantwoorde risico’s nemen. Aan dit soort uitgangspunten valt in zijn algemeenheid niet te tornen. Maar er is vaak meer mogelijk dan gedacht. Er kunnen serieuze vraagtekens gezet worden bij de huidige stringente begrotingspolitiek. Nergens staat in beton gebeiteld dat de huidige EU-norm voor staatsschuld zaligmakend is.

Een financieel kader vaststellen en een begroting opstellen, zijn zeer politieke bezigheden. Door investeringen te plegen, belastingen te innen en budgetten toe te delen, worden politieke prioriteiten gesteld. Ingrepen in het belastingstelsel kunnen de economie stimuleren en uitmonden in meer sociale rechtvaardigheid. Belastingpolitiek kan zorgen voor een herverdeling van inkomens en vermogens. Belangrijke inzet is ook het verschuiven van de belastingdruk van arbeid naar kapitaal en van milieubelastend naar ecologisch verantwoord. De mogelijkheden voor de overheid om publieke taken te financieren en maatschappelijke innovatie te bevorderen, worden hierdoor groter. Maatgevend is ook de gekozen verhouding tussen publiek en privaat geld. Het gaat hier om een onversneden politieke keuze.

Hervormingen vergen ook het ontwikkelen van nieuwe economische modellen en het introduceren van andere financieringswijzen. Andersoortige verdienmodellen kunnen een belangrijke aanjager zijn van de gewenste maatschappelijke innovatie. In het voetspoor hiervan kan de overheid eisen stellen aan goed beheer en passend management. Een nieuwerwetse, missie-gestuurde, vorm van ‘industriepolitiek’ hoort hoog op elke progressieve hervormingsagenda te prijken, evenals democratische zeggenschap over de economie.

Op vier onderwerpen richten we het vizier:

  • Progressieve begrotingspolitiek (met meer ruimte voor investeringen)
  • Herstel van de publieke sector (met behoud van een zekere marktwerking)
  • Een nieuwe industriepolitiek: groene groei, innovatie, slim arbeidsmarktbeleid (inclusief een daarmee corresponderend migratiebeleid)
  • Herverdeling van inkomens en vermogens (en een daarmee verbonden belastingpolitiek)